
Panel
Vandaag, 21:10
Paarse Vrijdag moet zorgen voor meer acceptatie van homo's, lesbiennes, biseksuelen en transgender personen, maar veel Nederlanders vrezen juist het tegenovergestelde. Bijna de helft, 46 procent, denkt dat acties zoals Paarse Vrijdag, Coming Out Day en regenboogvlaggen de acceptatie verminderen. Ook vindt 60 procent dat scholen geen aandacht moeten besteden aan Paarse Vrijdag. Onder ouders met kinderen tot en met 17 jaar loopt dat zelfs op tot 73 procent, blijkt uit onderzoek van het Hart van Nederland Panel.
Vrijdag deden volgens COC Nederland ruim 3.100 scholen mee aan Paarse Vrijdag, een record. Leerlingen en docenten dragen paars om te laten zien dat iedereen zichzelf moet kunnen zijn. Maar op verschillende scholen klinkt ook verzet. Uit een rondgang van het AD en regionale kranten onder ruim vijftig onderwijsinstellingen blijkt dat ruim een derde te maken heeft met weerstand, bijvoorbeeld van ouders of leerlingen die uit protest zwarte kleding dragen.
Wat moet er veranderen in Nederland? Waar maak jij je zorgen over? En wat gaat juist wél goed? In het Hart van Nederland Panel vragen we duizenden Nederlanders naar wat zij vinden van het nieuws van vandaag. Meld je aan en praat mee.
Meld je aan
Die weerstand is ook terug te zien in de panelcijfers. Van alle deelnemers vindt 38 procent dat scholen wel aandacht moeten besteden aan Paarse Vrijdag, maar is 60 procent tegen. Onder ouders met kinderen tot en met 17 jaar is de weerstand nog groter: 73 procent vindt dat scholen er geen aandacht aan moeten besteden en 26 procent vindt van wel.
In de open antwoorden van ouders klinkt regelmatig dat zij acceptatie belangrijk vinden, maar moeite hebben met de manier waarop die onder de aandacht wordt gebracht.
"Ik ben voor lhbti- acceptatie, we moeten alleen voorkomen dat de vorm zoals een vlag of zebrapad belangrijker wordt dan het doel (acceptatie hele jaar door)", schrijft een ouder.
Een ander verwoordt het zo: "Belangrijk dat iedereen geaccepteerd wordt maar doordat het zo overdreven wordt benoemd en gevierd en doordat er zoveel verschillende namen aan alles wordt gegeven komt er weerstand."
Die opvatting komt ook terug bij de vraag of speciale acties daadwerkelijk helpen. Slechts 23 procent van alle deelnemers denkt dat themadagen als Paarse Vrijdag en Coming Out Day of symbolen als regenboogvlaggen de acceptatie vergroten. Ruim een kwart, 27 procent, verwacht weinig tot geen verschil. Bijna de helft, 46 procent, denkt zelfs dat zulke acties de acceptatie verminderen.
Dat zijn verwachtingen van panelleden. Het onderzoek toont niet aan dat de acties daadwerkelijk voor minder acceptatie zorgen.
Opvallend is dat ook onder lhbti'ers zelf de meningen sterk uiteenlopen. Van de deelnemers die tot deze groep behoren, denkt 39 procent dat de acties helpen om acceptatie te vergroten. Bijna evenveel, 38 procent, verwachten juist een averechts effect. Nog eens 17 procent denkt dat de acties weinig tot geen verschil maken.
Dat betekent niet dat de aandacht volgens iedereen overbodig is. Juist de acceptatie onder jongeren staat onder druk. Uit onderzoek van de Universiteit Utrecht en het Trimbos-instituut blijkt dat het aandeel jongens in het voortgezet onderwijs met een positieve houding tegenover homoseksualiteit tussen 2021 en 2025 daalde van 40 naar 22 procent. Bij meisjes ging dat van 78 naar 51 procent. Die daling was ongeveer even sterk bij kinderen met én zonder migratieachtergrond.
Ook buiten school merken sommige Nederlanders dat de houding tegenover homoseksualiteit en transgender personen verandert. Een op de vijf deelnemers aan het panelonderzoek, 21 procent, heeft het idee dat mensen in de directe omgeving daar de afgelopen jaren kritischer over zijn gaan denken. Slechts 6 procent merkt juist een positievere houding. De grootste groep, 65 procent, ziet geen verandering.
Onder lhbti'ers is dat beeld minder gunstig. Drie op de tien merken dat mensen in hun omgeving kritischer zijn geworden. Zeven procent ziet juist meer positieve opvattingen en 51 procent merkt geen verschil.
Een ouder met een transgender dochter beschrijft juist een andere ervaring: "Mijn dochter is transvrouw. Daardoor kijk ik anders naar bepaalde thema’s. Mensen in mijn omgeving zijn naar mij toe positiever geworden. Maar of dit alleen naar mij toe is weet ik niet."
Een andere ouder ziet vooral een verschil tussen acceptatie en de manier waarop die wordt uitgedragen: "Ikzelf en mensen in mijn omgeving zijn niet anders gaan denken over homoseksualiteit, maar wel over het opdringen ervan."
De kritiek op Paarse Vrijdag gaat daarmee niet in alle gevallen over het accepteren van lhbti'ers zelf. Voor een deel van de deelnemers zit de weerstand juist in de extra aandacht, de symbolen en de manier waarop scholen het onderwerp bespreken.
Dit onderzoek is uitgevoerd onder het Hart van Nederland-panel. Vanaf 2.000 respondenten wordt de steekproef gecontroleerd en waar nodig gewogen op onder meer geslacht, leeftijd, regio, opleiding en stemgedrag bij de laatste Tweede Kamerverkiezingen, aan de hand van de Gouden Standaard van Data & Insights Network en officiële bevolkings- en verkiezingsgegevens. De vragenlijst is door de redactie zo neutraal mogelijk opgesteld. De steekproeftrekking, het veldwerk en de weging worden uitgevoerd door onderzoeksbureau No Ties, onderdeel van Highberg. Lees hier de volledige verantwoording van onze panelonderzoeken.



