
Panel
Vandaag, 11:38
Nederland verandert van samenstelling. Steeds meer inwoners zijn zelf in het buitenland geboren of hebben ouders die daar zijn geboren. En over die ontwikkeling bestaan flinke zorgen. 73 procent zegt bezorgd te zijn als het aandeel inwoners met een buitenlandse herkomst de komende jaren verder groeit, blijkt uit nieuw onderzoek van het Hart van Nederland Panel in samenwerking met Nieuws van de Dag.
Het CBS verwacht de komende tientallen jaren grote veranderingen in de samenstelling van de bevolking, met meer mensen met een buitenlandse herkomst. Die groep is veel breder dan alleen mensen die zelf naar Nederland zijn verhuisd. Het CBS rekent ook mensen mee die hier zijn geboren, maar van wie één of beide ouders in het buitenland zijn geboren. Mensen die een vader of moeder hebben die in Duitsland of België is geboren, vallen er bijvoorbeeld net zo goed onder als mensen met Poolse, Turkse, Marokkaanse, Surinaamse of Indonesische wortels. Ook arbeidsmigranten, buitenlandse studenten en vluchtelingen vallen binnen de groep als zij hier wonen.
Waar zitten de zorgen dan vooral? Bovenaan staat het idee dat de Nederlandse cultuur en gewoonten steeds meer verdwijnen. 78 procent van de mensen die bezorgd zijn, noemt dat als reden. Ook veiligheid en criminaliteit worden veel genoemd, door 73 procent.
Daarnaast draait veel om de vraag hoe goed mensen met verschillende achtergronden samenleven. 68 procent van de bezorgde groep vreest dat nieuwkomers en hun kinderen niet genoeg integreren. Evenveel mensen maken zich zorgen over verschillen in normen en waarden.
Ook het persoonlijke gevoel speelt mee. 65 procent van de bezorgde deelnemers vreest zich steeds minder thuis te voelen of de eigen omgeving minder te herkennen. "De Nederlandse cultuur moet behouden blijven", schrijft een deelnemer. Een ander verwoordt het zo: "We verliezen Nederland, onze eigenheid."
Een andere deelnemer kijkt juist heel anders naar het begrip buitenlandse herkomst. "Ik stam zelf af van o.a. Franse hugenoten. Mijn naam is in de 17e eeuw vernederlandst. Ik heb geen enkel gevoel bij deze voorouders. Ik ben een Nederlander, mijn kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen ook."
Wil jij meepraten over thema's zoals de toekomst van vuurwerk, lange wachtlijsten in de zorg of politieke besluiten? Meld je met deze blauwe knop aan voor het Hart van Nederland-panel en bepaal wat nieuws wordt!
Meld je aan
Dat Nederland de komende jaren verder verandert, staat volgens het CBS vast. Hoe groot die verandering wordt, hangt vooral af van hoeveel mensen naar Nederland komen en hoeveel er weer vertrekken.
In 2023 had ongeveer 27 procent van de bevolking een herkomst buiten Nederland. Het CBS heeft verschillende scenario's doorgerekend voor 2050. Dan kan dat aandeel uitkomen tussen ongeveer 34 en 42 procent.
Dat betekent nadrukkelijk niet dat 42 procent van de bevolking dan immigrant is. In het scenario met lage migratie is 19 procent van de bevolking in 2050 zelf in het buitenland geboren, vergeleken met 17 procent nu. In een scenario met veel arbeidsmigratie kan dat 26 procent zijn. De rest van de groep met een buitenlandse herkomst is dan in Nederland geboren, maar heeft een of twee ouders die in het buitenland geboren zijn.
Ook is "buitenlandse herkomst" geen synoniem voor asielmigratie. Volgens het CBS komen migranten uit steeds meer verschillende landen. In 2050 zullen arbeids- en studiemigranten van buiten de EU naar verwachting een belangrijke groep vormen.
Opiniemaker Wierd Duk waarschuwt voor de gevolgen van demografische veranderingen in Nederland en vindt dat politiek Den Haag daar te weinig aandacht voor heeft:

De zorgen over je minder thuis voelen staan niet helemaal los van wat onderzoekers zien. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) zag eerder dat inwoners van zeer diverse buurten gemiddeld minder positief zijn over hoe mensen met elkaar omgaan en zich soms minder thuisvoelen. Dat geldt volgens de WRR voor bewoners mét en zonder migratieachtergrond.
Maar het beeld is niet simpelweg: meer verschillende achtergronden betekent automatisch minder saamhorigheid. Recent onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) noemt het beeld "genuanceerder". In buurten met veel verloop en diversiteit kan de onderlinge verbinding zwakker zijn, maar contact tussen verschillende groepen kan volgens het SCP ook juist zorgen voor meer wederzijds begrip.
Het SCP ziet bovendien zorgen aan beide kanten. Mensen die zich zorgen maken over migratie hebben vaker weinig vertrouwen in de politiek en het gevoel dat Nederland de verkeerde kant opgaat. Mensen met een migratieachtergrond maken zich juist zorgen over de harde toon van het debat, discriminatie en het gevoel dat zij er niet volledig bij horen.
Ook religie kwam in het opinieonderzoek aan bod. Nederland is de afgelopen decennia sterk ontkerkelijkt. In 2024 zei 56 procent van de Nederlanders van 15 jaar en ouder geen geloof te hebben. 17 procent noemde zich katholiek en 14 procent protestants, beide flink gedaald vergeleken met de jaren ervoor.
Het aandeel dat zichzelf moslim noemt, is wel toegenomen. In 2010 was dat 5 procent, in 2024 7 procent. Onder jongeren ligt het aandeel hoger: van de 18- tot 25-jarigen noemde 13,4 procent zichzelf in 2024 moslim en onder 15- tot 18-jarigen ging het om 14,2 procent.
Een verdere groei van het aandeel moslims ziet 76 procent van de deelnemers aan het Hart van Nederland Panel negatief. Uit de reacties blijkt dat zorgen over vrouwenrechten, lhbti'ers, integratie en de invloed van streng geloof daarbij regelmatig worden genoemd.
Maar ook daar zijn de reacties niet allemaal hetzelfde. "Het zijn van moslim is geen probleem, extreem gelovig zijn wel en dan maakt het niet uit moslim of christelijk", schrijft iemand.
Een ander waarschuwt juist voor het over één kam scheren van een hele groep: "Al die haat naar moslims, mensen vergeten dat er onder elke laag van de bevolking rotte appels zitten."
Het SCP waarschuwt eveneens dat het debat zelf gevolgen heeft. Vooral mensen van de tweede generatie met een migratieachtergrond ervaren discriminatie en kunnen het gevoel hebben dat zij niet volledig als onderdeel van Nederland worden gezien. Tegelijk concludeert het SCP dat de arbeidsmarktpositie van de tweede generatie bij verschillende gevestigde migrantengroepen sterk is verbeterd ten opzichte van hun ouders.
Dit onderzoek is uitgevoerd onder het Hart van Nederland-panel, dat zo representatief mogelijk is voor de volwassen Nederlandse bevolking op basis van onder meer geslacht, leeftijd, regio, opleiding en politieke voorkeur (Gouden Standaard van Data & Insights Network en CBS). De vragenlijst is door de redactie neutraal opgesteld, het veldwerk is gedaan door onderzoeksbureau No Ties, onderdeel van Highberg. Bij minimaal 2.000 respondenten wordt de steekproef gecontroleerd en zo nodig gewogen; de foutmarge is bij die omvang rond de 2,2 procentpunt bij een uitkomst van 50 procent, met een betrouwbaarheidsniveau van 95 procent. Lees hier de volledige verantwoording van onze panelonderzoeken.



