Politiek

Nederlanders in hoog tempo voor een vuurwerkverbod

Het aantal mensen dat een vuurwerkverbod wil, is in korte tijd flink toegenomen. Uit een nieuwe peiling blijkt dat twee derde voorstander is van een totaalverbod tijdens oud en nieuw.

Tijdens de afgelopen jaarwisseling ging het opnieuw flink mis. Er waren volgens de politie meer dan 9300 incidenten in de nieuwjaarsnacht, ruim 400 meer dan een jaar eerder. Op verschillende plekken werden hulpverleners bedreigd en bekogeld met vuurwerk.

Ook de ziekenhuizen waren druk in de weer in de laatste uren van het oude jaar en de eerste uren van het nieuwe jaar. Bijna 1300 vuurwerkgewonden belandden in het ziekenhuis, waarvan 385 zelfs op de spoedeisende hulp. Drie procent van hen raakte een of meerdere vingers of ledematen kwijt.

Meerderheid wil vuurwerkverbod

Kort na oud en nieuw bleek al uit onderzoek van Wat vindt Nederland onder 3200 mensen dat een groot deel van de Nederlanders het vuurwerk liever ziet verdwijnen. Veertig procent zei toen voor een totaalverbod te zijn, voor iets meer dan een derde was een verbod op knalvuurwerk voldoende.

Lees terug: Groot deel Nederlanders ziet vuurwerk tijdens jaarwisseling liever verdwijnen

Drie weken later is het aantal tegenstanders van vuurwerk fors gegroeid. In een nieuwe peiling van I&O Research onder 2200 mensen zegt 65 procent voor een totaalverbod te zijn. 85 procent vindt het niet langer verantwoord om op de oude manier door te gaan.

Verbod op knalvuurwerk

Afgelopen week werd duidelijk dat er in de Tweede Kamer een meerderheid is voor een verbod op knalvuurwerk en vuurpijlen. Maar zo’n gedeeltelijk verbod gaat voor de meeste Nederlanders dus niet ver genoeg.

Lees ook: VVD en CDA nu ook achter verbod op knalvuurwerk en vuurpijlen

Als er uiteindelijk een totaalverbod komt, moet de overheid wel aan de bak: ruim zeven op de tien Nederlanders vinden namelijk dat hun gemeente dan professionele vuurwerkshows moet organiseren. Bijna de helft van de mensen die nu vuurwerk afsteken, zegt daar dan zeker mee te stoppen.

Redactie/ANP