Politiek

Horeca wil voorbeeld aan Azië nemen: 'Nederland is te eigenwijs'

In de maandag door verschillende horecabonden gepresenteerde voorstellen om de horeca weer open te krijgen is een ding duidelijk: Nederland moet zich in zijn maatregelen meer door Oost-Azië laten leiden. “Daar hebben ze veel meer ervaring met hoe dat moet,” vertelt restauranthouder Harmen de Glint aan Hart van Nederland.

Als het aan de horeca in Nederland ligt gaan de café zo snel mogelijk weer open. De financiële impact gevolgen zijn namelijk enorm. “De restaurants hebben minstens 70 procent omzetverlies,” vertelt Liping Lin, directeur van de Vereniging Chinese-Aziatische Horeca Ondernemers (VCHO). “Een aantal restaurants zijn nog open voor afhaalmaaltijden, maar dat is ook een stuk minder geworden.”

Gezondheid waarborgen

De VCHO, de Vereniging Professionele Frituurders (ProFri) en het Ambachtelijk IJscentrum, samen goed voor 8800 horecabedrijven in Nederland, hebben een aantal voorstellen gedaan voor aanpassingen in de horeca. Op die manier moet de gezondheid worden gewaarborgd maar zouden zaken toch open kunnen. Zo zouden alle klanten voor ze binnen mogen een temperatuurtest moeten krijgen, zou iedereen op minimaal anderhalve meter van elkaar moeten zitten en moeten werknemers mondkapjes en handschoenen gaan dragen.

Lees ook: Meer over deze voorstellen van de horecabonden

Het is niet voor niets dat juist de vereniging van Aziatische horecaondernemers met deze voorstellen komt. “In Azië is veel meer ervaring,” weet Lin uit eigen ervaring. Ze vindt dat Nederland te eigenwijs is. “Ik ben het niet eens met Ruttes uitspraak van ‘met 50% van de kennis moeten we 100% van de beslissingen nemen’. China loopt twee maanden voorop met de maatregelen, laat je daardoor inspireren.”

‘Simpele mondkapjes helpen ook al’

Zo vindt Lin dat er geen excuus is om geen mondkapjes te gebruiken. “Dan heb ik het niet over de medische FFP2 mondkapjes, maar gewoon simpele mondkapjes helpen ook al voor een deel tegen speeksel en als je moet hoesten. En het houdt je ook tegen om aan je neus of mond te zitten.”

De Glint is het daarmee eens. “In Azië is het onderdeel van beschaving om zo’n mondkapje te dragen. Niet voor jezelf, maar om te voorkomen dat je anderen besmet.” Volgens hem zijn deze mondkapjes ook veel meer voorhanden. “Er is geen schaarste aan deze mondkapjes. Je kan ze al voor 2 of 5 cent per stuk kopen en zijn heel efficiënt om verspreiding te voorkomen.”

Harmen de Glint heeft verschillende Aziatische horecazaken in Nederland, waaronder Miyagi and Jones. Die zaak ligt nu helemaal stil vanwege de coronamaatregelen. Hij vraagt zich af hoe hij deze crisis door moet komen en hoopt vurig dat de overheid de voorstellen ter harte neemt. “Ik kijk naar oplossingen.”

‘Anderhalve meter moet niet het uitgangspunt zijn’

Volgens De Glint moet het uitgangspunt niet zijn om aan de anderhalve meter vast te houden, maar door te kijken naar hoe je de verspreiding van het coronavirus zoveel mogelijk te beperken. “Je moet met andere middelen werken. Je ziet het ook al in landen om ons heen zoals Duitsland, daar raden ze aan om eenvoudige mondkapjes te dragen en anders gewoon een sjaal.”

Ook wil hij temperatuurmetingen gaan invoeren. “In Azië wordt dat overal gedaan. Dan kan je direct zien of iemand verhoging heeft. Dan moet je zo iemand gewoon kunnen weigeren, voor de gezondheid van de andere klanten.”

Lees ook: Vier op de tien Nederlanders hoopt op versoepeling coronamaatregelen

De Glint roept andere horecazaken op met concrete plannen te komen om hygiënischer te werk te gaan. “Deze crisis gaat nog wel even duren, dus je moet als ondernemer nu beslissen om bijvoorbeeld plastic afscheidingen te kopen, temperatuurscanners te gebruiken en mondkapjes in te slaan.” Maar, zo besluit De Glint, dan moet de overheid de horeca ook toestemming geven om weer open te gaan.

Foto: AFP