112

Politie vindt opsporingsberichten agenten door aanhangers Viruswaarheid 'ongepast'

De politie vindt het ongepast dat herkenbare foto’s van politieagenten online worden gezet met als doel deze mensen op te sporen. Vorige week plaatsten kopstukken van actiegroep Viruswaarheid een ‘opsporingsbericht’ voor agenten die verantwoordelijk waren voor de handhaving tijdens anticoronademonstraties op 21 juni, 28 juni, 20 augustus en 5 september.

De foto’s zijn geplaatst op een website die wordt beheerd door Willem Engel en Jeroen Pols, bekend van de actiegroep Viruswaarheid. Ze roepen op om de betreffende agenten op te sporen en suggereren geweldsmisbruik. De politie reageert afkeurend op de acties, maar zegt weinig te kunnen doen.

Lees ook: Voorman Viruswaarheid doet aangifte van mishandeling bij mondkapjesprotest

‘Eindeloos gewaarschuwd’

De politie geeft aan dat aanhangers van Viruswaarheid dit al vaker hebben gedaan en dat het geen strafbaar feit is. “We werken in de openbaarheid, dus het mag in principe gewoon.” Wel vindt de politie het heel ‘ongepast’ dat dit telkens gebeurt. “Deze collega’s doen gewoon hun werk en maken het mogelijk dat dit soort demonstraties kunnen plaatsvinden. Er zijn regels en als er overtredingen plaatsvinden, moeten ze ingrijpen. De demonstranten zijn eerst eindeloos gewaarschuwd.”

Eerder gaven undercoveragenten al aan zich grote zorgen te maken om hun veiligheid en die van hun familie, toen amateurspeurder Jan Huzen hun adressen openbaar dreigde te maken. Dat was in navolging op een protest bij het gebouw van het RIVM in Bilthoven, waarbij een demonstrant tijdens een arrestatie de benen werd gebroken.

Lees ook: Arrestant Thomas wil klacht indienen tegen politie wegens ‘buitensporig geweld’ bij boerenprotest

Met de actie destijds hoopte Huzen voor een gedragsverandering te zorgen bij de politie. “Ik hoop dat de politie naar zichzelf gaat kijkt: wat doen wij goed en wat doen wij fout? Dat wil ik dat er bereikt wordt. En dat mensen die willen demonstreren dat gewoon kunnen doen, zonder angst.”