
Zorg
Vandaag, 10:57
Kinderen met kanker hebben tegenwoordig een grotere kans om de ziekte te overleven dan aan het begin van deze eeuw. Van de kinderen die tussen 2010 en 2014 de diagnose kregen, was ruim tien jaar later 83,2 procent nog in leven, melden het Prinses Máxima Centrum, KiKa en het Integraal Kankercentrum Nederland.
De organisaties spreken van een enorme verbetering. Van de kinderen die tussen 2005 en 2009 een kankerdiagnose kregen, was tien jaar later 79,6 procent nog in leven. Van de kinderen die in de periode 2000-2004 kanker kregen, lag het percentage op 77,1 procent.
Maak van Hart van Nederland je Google-favoriet
Ieder jaar krijgen in Nederland ongeveer zeshonderd kinderen (0 tot 18 jaar) de diagnose kanker. Volgens medisch directeur Edward Nieuwenhuis van het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie zijn de toegenomen overlevingskansen grotendeels "te danken aan betere diagnostiek en steeds effectievere behandelingen". "Vooral de prognoses voor kinderen met acute myeloïde leukemie en sommige hersentumoren zijn sterk verbeterd."
De overlevingskans voor kinderen met acute myeloïde leukemie steeg deze eeuw van 57 procent naar 74 procent. Voor kinderen met een hersentumor ging het percentage van 67 procent naar 80 procent. Nieuwenhuis spreekt van bemoedigende cijfers, maar wijst er ook op dat één op de zes kinderen met kanker nog altijd overlijdt. "Ieder kind met een slechte prognose is er één te veel."
Sommige bot- en hersentumoren en neuroblastoom (een tumor in een deel van het zenuwstelsel) zijn voorbeelden van tumoren die zeer slecht te behandelen zijn. Voor kinderen met hersenstamkanker is geen genezing mogelijk. Het Prinses Máxima Centrum en KiKa geven aan dat onderzoek van cruciaal belang is en dat daarvoor ook geld nodig is. September is de internationale maand van kinderkanker, waarin aandacht voor de ziekten wordt gevraagd.

