Politiek

Medewerkers protesteren tegen sluiting Hoenderloo Groep, 'deze jongeren kunnen niet terug naar huis'

Medewerkers protesteren vrijdag tegen de voorgenomen sluiting van de Hoenderloo Groep. De jeugdinstelling huisvest 200 jongeren met ernstige gedragsproblemen. Maar door financiële problemen bij overkoepelende organisatie Pluryn, dreigt de instelling te verdwijnen.

Groepsbegeleider Maaike Latta vindt dat je niet zo kunt omgaan met deze jongeren, die vaak al vele omzwervingen hebben gemaakt en nu mogelijk weer moeten verhuizen.

”De jongens krijgen van alles mee van dit verhaal”, vertelt Latta. ”Ze hebben eindelijk fijne plek gevonden, vaak na veel omzwervingen. Nu moeten ze weer weg. En ze weten niet waarheen en ze weten niet wanneer. Dat geeft onrust. Sommigen van hen kunnen echt niet terug naar huis.” Samen met honderd collega’s overhandigt ze 200 postpakketjes aan het bestuur van Pluryn. Elk pakketje staat symbool voor een jongere, die volgens de medewerkers als een soort postpakket ergens heen wordt gestuurd.

Lees ook: Boze ouders Hoenderloo Groep naar Den Haag: ‘We willen dat de minister wakker wordt’

‘Stilzitmaatregel’

De Hoenderloo Groep verkeert in zwaar weer. Een jaar geleden kwam de zorginstelling negatief in het nieuws door de zogenaamde ‘stilzitmaatregel’. Jongeren zouden urenlang in een houding moeten stilzitten. De inspectie kwam eraan te pas, maatregelen als deze zijn wettelijk verboden. Pluryn liet weten deze maatregelen verboden te hebben. In december 2019 bleek Pluryn er financieel heel slecht voor te staan en kondigde aan de Hoenderloo Groep te willen sluiten. Jongeren zouden dan bij andere instellingen worden geplaatst.

Lees ook: ‘Mijn zoon werd op Hoenderloo mishandeld en mocht niet naar de wc’

Jan Verhoeven, bestuurder FNV Zorg & Welzijn: ”De directie van Pluryn heeft de deur dichtgedaan en staat niet open voor alternatieven om de sluiting van de Hoenderloo Groep te voorkomen. Motieven die meespelen zijn voornamelijk van financiële aard. Wij vinden dat Pluryn andere alternatieven niet eerlijk overweegt.”