Het is weer zover: de wintertijd gaat dit weekend in

Dit weekend gaat de wintertijd weer in. Dat betekent in de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober een extra uurtje slaap. Om 03:00 uur springt de tijd een uur terug naar 02:00 uur.

Als je analoge klokken hebt betekent dat éven opletten, die moet je handmatig een uur terugzetten. Digitale klokken en telefoons doen dat – als het goed is – automatisch.

Ezelsbruggetje

Om te onthouden of de tijd nou een uur naar voren of teruggaat, kun je het volgende ezelsbruggetje gebruiken. In het voorjaar gaat de tijd een uur vooruit, in het najaar gaat het weer achteruit en de klok ook.

De zomertijd gaat volgend jaar in de nacht van 28 maart in en dan gaat de klok dus een uur vooruit. Zomertijd duurt het langst, zeven maanden. De wintertijd duurt maar vijf maanden.

Wintertijd is normale tijd

De wintertijd is eigenlijk de ‘normale’ tijd. De gedachtegang achter de zomertijd – ingevoerd in 1916 – is dat mensen meer gebruik kunnen maken van het natuurlijke daglicht en besparen op elektrische verlichting. Maar er is in de geschiedenis nogal eens geschoven met die zomertijd en van 1946 tot en met 1976 was er zelfs helemaal geen zomertijd. Sinds 1996 gaat de zomer- en wintertijd op hetzelfde moment in, respectievelijk in het laatste weekend van maart en het laatste weekend van oktober.

Lees ook: Komende nachten veel vallende sterren te zien door meteorietenzwerm

Waarschijnlijk komt er op termijn overigens wel een eind aan het verzetten van de klok. Een meerderheid van het Europees Parlement wil er in 2021 namelijk vanaf. De EU-lidstaten kunnen zelf bepalen of zij daarna permanent op zomer- of wintertijd overschakelen. Het parlement heeft een uitstelclausule aangenomen om te voorkomen dat er een brei aan verschillende tijden ontstaat.