Opmerkelijk

Belofte maakt schuld: boeren herstellen kapotgereden Malieveld

Door de coronacrisis zijn we het misschien weer vergeten, maar eind vorig jaar stond vooral in het teken van de boerenprotesten, onder andere op het Malieveld. Dat veld hebben de boeren met hun trekkers vernield. Ze beloofden de schade zelf te herstellen en belofte maakt schuld: woensdagmiddag was het zover.

Twee keer de boeren met hun trekkers en ook de bouwers met hun voertuigen van duizenden kilo’s. Het Malieveld zag er na de massale protesten eind vorig jaar uit als een slagveld, een grote modderpoel. Staatsbosbeheer was daarover niet te spreken, maar boeren trokken al gauw het boetekleed aan.

Herstel Malieveld

Eén van de eerste boeren die aanbood de schade te herstellen, was Henry Swinkels. Hij verkoopt en onderhoudt tractoren en andere landbouwmachines. “Ik wilde de negatieve berichtgeving over de boeren omzetten in iets positiefs”, aldus Swinkels.

Hij was er zelf ook bij tijdens het eerste boerenprotest op het Malieveld. “Met tractoren en vrachtwagens. Maar de boeren zijn niet doelbewust naar het Malieveld gegaan om het gras kapot te maken. Ze wilden gewoon van zich laten horen.”

Schadepost: 30.000 euro

De schade is het grootst aan de randen van het Malieveld. Banden van tractoren, vrachtwagens, pick-uptrucks en andere voertuigen hebben daar diepe sporen getrokken, vooral onder de bomen. Dat wordt woensdagmiddag hersteld door drie ondernemers uit de landbouwsector.

Lees ook: Gratis boerenontbijt als bedankje aan Nederland: ‘Voor de onvoorwaardelijke steun’

De kosten voor het herstel van het zwaarbeschadigde Malieveld zijn begroot op 30.000 euro, laat Swinkels weten. Het gaat dan om het inzaaien van het gras, de kosten voor de machines en de manuren die erin worden gestoken. De betrokken partijen doen het echter volledig kosteloos.

Het ‘grote veld’ in het midden van het Malieveld is in november al kosteloos hersteld door een aannemer. “Dat is specialistisch werk, dus dat hebben we laten doen door onze huisaannemer”, aldus Marcel van Dun van Staatsbosbeheer.