
Persoonlijke verhalen
Vandaag, 11:19
Bijna honderd gemeenten doen deze week mee aan een grote landelijke telling van dak- en thuisloosheid. Voor het eerst moet daardoor een beter beeld ontstaan van mensen die niet op straat leven, maar bijvoorbeeld tijdelijk bij vrienden slapen, in een auto wonen of op een vakantiepark verblijven.
Een van hen was de 24-jarige Jona uit Deventer. Na huiselijk geweld moest zij samen met haar moeder en broers halsoverkop het ouderlijk huis verlaten. Daarna zwierf ze maandenlang langs verschillende logeeradressen, terwijl ze wachtte op een veilige opvangplek.
"Het was hartstikke zwaar. Niet alleen voor mij, maar ook voor mijn vrienden. Je neemt wel je koffer met moeilijkheden mee", zegt Jona tegen Hart van Nederland. De periode zorgde voor veel stress en financiële problemen. Jona zegt dat ze zichzelf nooit zag als 'typisch dakloos'. Ze werkte en studeerde, maar had ineens geen vaste woonplek meer. Inmiddels woont ze begeleid in Deventer via een project voor dakloze jongeren.
Haar verhaal laat precies zien waarom de zogenoemde ETHOS-telling nodig is. Veel mensen zonder vaste woonplek komen nu niet terug in de officiële cijfers, omdat ze niet in de opvang of op straat terechtkomen.
De telling wordt uitgevoerd door Hogeschool Utrecht en Kansfonds. Huisartsen, scholen, kerken, woningcorporaties en opvangorganisaties leveren daarvoor anoniem gegevens aan. Ook dierenopvangcentra doen dit jaar mee, omdat steeds vaker mensen hun huisdier moeten afstaan nadat ze dakloos zijn geworden.
De resultaten van het onderzoek worden in december verwacht.