Politiek

Meldpunt voor slachtoffers van gedwongen adopties: 'Ik hoor hem nog huilen'

Moeders die gedwongen afstand hebben moeten doen van hun kind kunnen vanaf dinsdag terecht bij een speciaal meldpunt. Ook de adoptiekinderen zelf en andere betrokkenen kunnen hier hun verhaal delen. Dat heeft minister Dekker van Rechtsbescherming bekendgemaakt.

Het meldpunt is onderdeel van een groot onderzoek naar misstanden in binnenlandse adoptie van 1956 tot 1984. In die periode werden zo’n 13.000 vrouwen gedwongen om afstand te doen van hun kind. Dit waren bijvoorbeeld ongehuwde vrouwen. Er komt een website, email-adres en telefoonnummer waarop iedereen haar verhaal kan doen.

‘Het enige wat ik zag was het kopje’

Een van die moeders van wie het kind werd afgenomen was Barbara Kluijtmans. Zij was 18 toen ze in 1969 beviel van een kind. Maar de katholieke instelling haalde na de geboorte het kind meteen weg, zonder dat ze het te zien kreeg. “Ik hoor hem nog huilen. Het enige wat ik zag was het kopje dat eruit kwam.”

De instelling had haar vooraf geen enkele andere mogelijkheid gegeven dan het kind verplicht af te staan. “Ik was alles wat slecht was. Ik had seks gehad voor het huwelijk en dat was taboe. Je mocht niet bestaan.”

Lees ook: ‘Erken en onderzoek leed door gedwongen adopties’

Jarenlang weet Barbara niet wie haar kind was, tot ze opeens een brief van de rechtbank kreeg. Een brief gericht aan de adoptieouders, maar die per ongeluk bij haar terecht was gekomen. Het adres van haar kind stond erin. Daaruit bleek dat het kind, een zoon, al die jaren bij haar in de buurt had gewoond. Slechts een paar straten verderop. Maar het contact zoeken deed Barbara niet, ze durfde niet.

Moedergevoelens

Later heeft ze toch contact gezocht. Eerst gedurende zo’n zeven jaar met de adoptiemoeder, ongeveer eens per jaar. Daarna kreeg ze ook toegang tot haar zoon, die toen ongeveer 22 jaar oud was. Hij bleek drugsverslaafd. Het contact verliep niet goed, en in 2009 volgt een volgende klap: haar zoon zat in een afkickkliniek, was bijna klaar met afkicken, maar werd op een dag dood gevonden in zijn kamer. “Dat was verschrikkelijk. Ik was wel zijn moeder, de moedergevoelens had ik.”

Wat Barbara het meest steekt is het gebrek aan erkenning voor de trauma’s en pijn die het verlies van haar kind voor haar hebben betekend. “Ik hoop gewoon dat wij ‘afstandmoeders’ serieus worden genomen. Door de overheid, door doktoren.”

Erkenning

Het meldpunt moet de vele verhalen veel zichtbaarder maken, hoopt Barbara. “Het gaat vooral om de erkenning. Dat mensen zich serieus genomen voelen. De nazorg moet veel beter, er moeten goede therapieën worden ontwikkeld voor de moeders en vaders die hun kinderen moesten afstaan. Ik neem het mijn hele leven al mee, en daarmee ook mijn dochter en kleinzoon. Zij zijn ook geïnfecteerd door de adoptie. De ervaringen moeten nu verteld worden, voordat het in het graf meegenomen wordt.”