Dieren

Damherten nemen Zeeuws eilandje over, dierenliefhebbers verzetten zich tegen afschieten

Dierenrechtenorganisaties verzetten zich tegen het voornemen van de provincie Zeeland en Staatsbosbeheer om honderden damherten op het eilandje Haringvreter in het Veerse Meer dood te schieten. Het aantal van deze beschermde dieren zou moeten worden teruggebracht van zo’n 400 tot 150.

Het eilandje is maar honderd hectare groot maar er leven zo’n vierhonderd damherten. De dieren – die hier ooit door een boer zijn geplaatst – richten volgens Staatsbosbeheer veel schade aan. Boswachter Karel Leeftink ziet het afschieten van de herten als een noodzakelijk kwaad. “Ik zou liever ander werk doen. Het is niet leuk, maar soms moet je ingrijpen omdat er geen andere manier is.”

Skeletten van bomen

Dierenrechtenorganisaties Fauna4Life en Animal Rights zijn het daar niet mee eens. Pauline de Jong van Fauna4Life: “Wij zien geen probleem. Het is het beste om zo min mogelijk invloed op de natuur uitoefenen. Het aantal herten komt vanzelf op een goed niveau, afhankelijk van hoeveel voedsel en ruimte er beschikbaar is. En als er niet genoeg ruimte is, dan zoeken ze wat ons betreft een andere plek op.”

Boswachter Leeftink leidt Hart van Nederland rond op het Zeeuwse eiland. Hij wijst naar een van de bomen op het eiland. “Met name in het voorjaar als er weinig voedsel is moeten ze een alternatief vinden. Zoals je in heel het bos kunt zien, gaan ze dan de bast van de bomen afknabbelen. Dat is het begin van het einde van de boom. En de jonge boompjes zijn lekkernijen, die zijn het eerste weg. Dus je hebt ook geen verjonging van je bossen. Dit wordt zo een bos met skeletten van bomen.”

Lees ook: Afschieten van herten in Oostvaardersplassen mag voorlopig niet

Andere dieren

Een andere keerzijde van het succes van de damherten is de biodiversiteit. “De herten zijn prachtig, ze houden het gebied open, maar ze eten met zijn allen zoveel dat andere planten en dieren ontzettend achteruit gaan. 150 is eigenlijk de max om ook andere planten en dieren de kans te geven. Je merkt het als je om je heen kijkt. Je ziet wel een hoop bloemetjes, maar het zijn steeds dezelfde soorten. Er zijn geen insecten, want die leven van die bloemetjes. En de vogels leven weer van die insecten. Het is een soort stapeling, en als je één van die stapels weghaalt valt het hele huisje in elkaar.”

Volgens Fauna4Life is het helemaal niet zo erg dat bepaalde dieren en planten niet meer voorkomen op het eiland. Daar zijn genoeg andere plekken voor, meent De Jong. “Het Veerse Meer is als Natura 2000-gebied aangewezen als broedgebied voor de aalscholver, lepelaar en kleine mantelmeeuw en als voedselgebied voor ganzen en steltlopers. Het gebied is niet aangewezen vanwege de aanwezigheid van vlinders, insecten of bepaalde plantensoorten.”

Overzwemmen

Staatsbosbeheer is bang dat de herten zullen overzwemmen naar het ‘vasteland’ Walcheren en Noord-Beveland, de grote Zeeuwse eilanden die het Veerse Meer insluiten. Daar zouden de dieren schade kunnen toebrengen aan landbouwgrond, en voor gevaarlijke situaties zorgen in het verkeer. De Jong verwerpt dat argument. “Als ze oversteken en daar voor gevaarlijke situaties zorgen, wat trouwens nauwelijks gebeurt, dan moet je de weg veiliger maken. Je kunt de snelheid aanpassen, of het zicht verbeteren. Als er ergens een ongeval is met een mens ga je toch ook niet het aantal mensen in een gebied reguleren?”

Lees ook: Pasgeboren hertje ‘door schuld van omstanders en politie’ bij de bevalling overleden

Woordvoerder Imke Boerma van Staatsbosbeheer vat het samen als ‘idealistisch versus realistisch’. “Als we het aantal herten hebben teruggebracht tot rond de 150, zullen we vanaf dat moment jaarlijks rond de 30 herten per jaar afschieten om de populatie op het gewenste peil te houden. Als we later ingrijpen, dan is het aantal afgeschoten dieren nog veel groter. Volgens mij willen iedereen dat er zo min mogelijk dieren worden afgeschoten, en dit is de manier waarop dat per saldo het minste hoeft. Het is een vervelend middel, maar het enige dat we kunnen inzetten.”