Politiek

Suïcidale Charlotte protesteert opnieuw tegen wachtlijsten in psychiatrische zorg

Van de beloftes die de staatssecretaris heeft gedaan om de wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg weg te werken, is weinig terecht gekomen vindt Charlotte Bouwman. Vandaag is er een debat in de Tweede Kamer over het onderwerp. Charlotte is psychiatrisch patiënt en protesteert tegen de lange wachtlijsten.

Lees ook: Suïcidale Charlotte is niet blij met de plannen over de wachtlijsten

In januari zat ze ook al twee weken lang in de hal van het ministerie van Volksgezondheid. Maandag voert ze opnieuw actie. Het wegwerken van de wachttijden lijkt maar niet te lukken en ze ergert zich aan maatregelen als de zoveelste stuurgroep en alweer een nieuw meldpunt voor patiënten. De problemen zijn duidelijk volgens haar en de oplossing ook: meer en betere opvang.

‘Stadium van onderzoeken voorbij’

“Op papier hebben ze een lijst van ‘zeer specialistische gevallen’ en dat zijn er 350”, aldus Charlotte. “Voor die mensen gaan ze een oplossing zoeken. Maar het structurele probleem is dat er te weinig plekken zijn. Volgens cijfers zijn er 90.000 patiënten, van wie ongeveer de helft specialistische zorg nodig heeft. Ze gaan weer onderzoeken of er genoeg aanbod is, maar het stadium van onderzoeken zijn we al lang voorbij.”

Lees ook: Actie Charlotte Bouwman succesvol; ministerie grijpt in als mensen niet op tijd acute mentale zorg krijgen

Charlotte is suïcidaal en heeft inmiddels zelf wel een plek waar ze terecht kan. “Nu kan ik zeggen: ik heb deze gedachte, en dat wil ik eigenlijk niet, daarom zoek ik hulp. Dan zit ik er vier dagen tot een week. Je krijgt daar rust en veiligheid, dat is het belangrijkste. Alle prikkels zijn weg, en dan gaan de gedachten ook weer weg.”

‘Er moeten meer plekken komen’

PvdA Tweede Kamerlid Attje Kuiken vindt dat de intenties goed zijn van de hulpverlening, maar het levert niet op wat het zou moeten opleveren. “Namelijk zorg voor mensen met een complexe zorgvraag. Dat heb je niet zomaar geregeld, dat kost geld. Voorheen waren er zeven traumacentra, daar zijn er nu nog maar vier van over. De ene na de andere zorginstelling valt om. Er moeten weer meer plekken komen.”