Politiek

Bussen met 140 boze Zeeuwen op weg naar debat over 'geblunder' rond kazerne

Zo’n 140 Zeeuwen zijn in bussen onderweg naar de Tweede Kamer. Daar is donderdagochtend een debat over de afgeblazen verhuizing van de marinierskazerne naar Vlissingen. Staatssecretaris Barbara Visser van Defensie kan op veel kritiek rekenen.

Vorige week gaf ze na veel geharrewar toe dat ze het niet zag zitten om de kazerne naar Vlissingen te verhuizen. In plaats daarvan moet die in Nieuw Milligen bij Apeldoorn komen te staan. Het besluit is volgens Visser vooral ingegeven door de vele mariniers die vertrekken omdat ze niet naar Zeeland willen vertrekken.

Lees ook: Militaire vakbond opgelucht: ‘Onze militairen zijn geen werkgelegenheidsproject’

De SGP wilde nog voor het voorjaarsreces in gesprek met de staatssecretaris. De partij kreeg veel steun vanuit de Kamer. “We zijn zeer kritisch op de handelswijze van het kabinet”, zegt een woordvoerder van de SGP. “Er is volop geblunderd en dat heeft natuurlijk ook iets gedaan met het vertrouwen in de staatssecretaris. Dat vinden we echt, want dit soort stevige woorden gebruiken we niet vaak.”

Gratis busvervoer naar debat

De staatssecretaris zal zich moeten verdedigen onder het toeziend oog van tientallen Zeeuwse bestuurders en burgers. Zij mochten donderdagochtend vroeg op kosten van de provincie naar Den Haag afreizen. De Zeeuwen zijn boos, omdat het besluit om de kazerne naar Vlissingen te verhuizen al uit 2012 stamt. Ze vinden dat er contractbreuk is gepleegd en willen een schadevergoeding.

“De stemming in de bus is niet bepaald opgewekt”, zegt een woordvoerder van het provinciebestuur. “Teleurstelling, ongeloof over hoe met Zeeland wordt omgegaan overheersen.”

Gedeputeerde Dick van der Velde vindt dat het kabinet zijn eigen dilemma op het bord van de Zeeuwen heeft geschoven. “Maar verwachtingen van het debat heb ik niet, dat is echt koffiedik kijken.” Wethouder Albert Vader uit Vlissingen is een stuk stelliger: ”Wij Zeeuwen, en de Vlissingers in het bijzonder, zijn woest omdat we vreselijk besodemieterd zijn.”