Goed nieuws: de ergste overlast door de eikenprocessierups is voorbij

Eindelijk goed nieuws over de eikenprocessierups die ons land al sinds mei in zijn greep houdt: de ergste overlast is voorbij. Dit laat Henry Kuppen van het Kenniscentrum Eikenprocessierups woensdag weten aan de redactie van Hart van Nederland.

“De verspreiding van de haartjes van de processierups is nu echt minder geworden. De piek ligt achter ons. Dit komt omdat de rupsen nu gaan verpoppen. De losse nestjes waarin die rupsen zitten zijn dichtgetrokken waardoor die haartjes minder worden verspreid”, vertelt Kuppen.

Dit betekent volgens het Kenniscentrum echter niet dat we nu opeens zorgeloos kunnen tuinieren. “Snoeien kan nog steeds gevaarlijk zijn. De haartjes die voor jeuk en een brandend gevoel zorgen, zijn nog steeds aanwezig en blijven nog jaren actief. Soms zelfs wel 6 of 7 jaar”, aldus Kuppen. Dat de rups ons de komende jaren nog bezig gaat houden is volgens hem wel zeker: “We gaan de eikenprocessierups nooit kwijtraken. Ik ben er wel van overtuigd dat we de overlast kunnen verminderen.”

Eikenprocessierups vernietigen

Terwijl het hoogtepunt van de plaag inmiddels voorbij lijkt te zijn, is nu de vraag wat er gaat gebeuren met alle door groenbedrijven verwijderde eikenprocessierupsen in Nederland. Dinsdag werd bekend dat de Nederlandse afvalverwerkers opgezogen rupsen toch gaan vernietigen, terwijl zij eerder aangaven dit niet te willen doen vanwege veiligheidsproblemen voor medewerkers.

Lees ook: Afvalbedrijven gaan toch eikenprocessierups verbranden

Volgens Nico Willemsen van Cumela Nederland, een belangenorganisatie van groenbedrijven, wordt nu gekeken naar welke vuilverbranders geschikt zijn om het afval te vernietigen. “Niet alle bedrijven gebruiken hetzelfde systeem.”

Ook wordt gekeken naar de manier waarop het afvalmateriaal op een veilige manier naar de bedrijven toegebracht gaat worden. Zo moet het veiligheidsrisico voor medewerkers en omwonenden zo klein mogelijk zijn.

Willemsem: “Er zijn twee varianten die we bespreken om het afval te vervoeren. Zo kijken we naar kunststof vaten of boxen met een inhoud van zo’n 200 tot 600 liter. Dat is een meer prijzige oplossing. Een andere manier is om de zakken met dode rupsen te verplaatsen in big bags, die worden ook gebruikt in de bouw om asbest te verplaatsen.”

Volgens Willemsen wordt waarschijnlijk aan het einde van de week duidelijk welke afvalverwerkingsbedrijven de dode eikenprocessierupsen gaan verbranden.

Foto: ANP