112

Aantal moorden in Nederland flink gedaald, vrouwen lopen vooral gevaar

Het aantal gevallen van moord en doodslag is vorig jaar flink gedaald. In 2018 kwamen er 119 mensen door geweld om het leven, dat zijn er 39 minder dan in 2017.

Sinds het begin van deze eeuw is het aantal slachtoffers van dodelijk geweld gehalveerd, meldt het CBS.

Vrouwen kwetsbaars

Vrouwen lopen vooral gevaar door geweld door hun (ex-)partner. In driekwart van de gevallen was die verantwoordelijk voor de dood van de 43 vrouwen die omkwamen, vaak in hun eigen woning en veelal met een steekwapen of door verwurging. Jaloezie of een ruzie was vaak de aanleiding.

Driekwart van de 76 mannen op wie moord of doodslag werd gepleegd kwam om door een vuur- of steekwapen. Een derde werd gedood door een bekende.

Jonge mannen en allochtonen vaak doelwit

Een groot aantal slachtoffers heeft een niet-westerse migratieachtergrond: 43 procent van de gedode mannen en 26 procent van de vrouwen. De kans dat een man met die achtergrond door geweld om het leven komt is zes keer zo groot als bij autochtone mannen. Bij vrouwen is dat drie keer zo groot.

Ook mensen met een westerse migratieachtergrond lopen een groter risico, bij de omgebrachte mannen was de kans twee keer zo groot als bij mannen van Nederlandse komaf.

De daders zijn vrijwel allemaal (90 procent) relatief jonge mannen. De helft is tussen de 25 en 45 jaar oud, een kwart 18 tot 25 jaar. In 45 procent is sprake van een niet-westerse achtergrond en 39 procent van de daders was autochtoon.

Meeste moorden in Amsterdam en Rotterdam

De drie grootste steden in Nederland zijn samen goed voor 30 procent van alle moorden in 2018: 14 in Amsterdam (onder wie 11 inwoners), 12 in Rotterdam (van wie 10 inwoners) en 10 in Den Haag (allen inwoners).

Relatief gezien werden in de afgelopen vijf jaar 2,1 op de 100 duizend inwoners van Amsterdam slachtoffer van moord of doodslag. Ook in Rotterdam en Den Haag lag dit cijfer met 1,7 en 1,3 per 100 duizend inwoners hoger dan het landelijk gemiddelde van 0,8 per 100 duizend personen.

ANP