Sport

Schaatser Kjeld Nuis dolblij met wereldrecord: 'Dit was één van de doelen in mijn loopbaan'

Schaatser Kjeld Nuis besefte als geen ander dat hij bij de wereldbekerfinale in Salt Lake City zijn fabelachtige wereldrecord op de 1000 meter (1.06,18) mede aan een gelukje te danken had.

In zijn eerste binnenbocht waaide hij volledig uit zijn baan en kwam hij heel even voor de neus van tegenstander Havard Lorentzen te rijden. De Noor bleek echter geen last van de ontketende Nederlander te hebben, waardoor een pijnlijke diskwalificatie uitbleef.

Foutje

“Nee, het was geen perfecte rit”, grijnsde Nuis, die vorige maand in Inzell zijn wereldtitel op deze afstand nog moest afstaan aan Kai Verbij. “Ik sneed die bocht helemaal verkeerd aan. Als Lorentzen iets sneller had gereden, hadden we elkaar geraakt, zeker weten. Dat was een mazzeltje, dat moet je soms ook hebben.”

Nuis (29) zei vooraf nog dat voor een wereldrecord alles moest kloppen. “Maar een wereldrecord met een foutje is ook top”, sprak hij glunderend bij de NOS. “Een wereldrecord heb ik altijd al willen hebben en nu heb ik hem. Dit was één van de doelen in mijn loopbaan.”

Geldprijs

Nuis pakte in Salt Lake City een geldprijs mee van 15.000 dollar voor de eindzege in het wereldbekerklassement van de 1000 meter en 5000 dollar voor de dagzege. Op de 1500 meter wil hij als olympisch kampioen opnieuw toeslaan, al is zijn afstand te groot op klassementsleider Denis Joeskov uit Rusland om nog een hoofdprijs te kunnen bemachtigen. Het scherpe wereldrecord van Joeskov (1.41,02) is niettemin verleidelijk genoeg om een nieuwe aanval te ondernemen.

Ook Thomas Krol, die op de kilometer als tweede eindigde op 0,07 van Nuis, heeft als wereldkampioen op de schaatsmijl stoute plannen. Hij zal echter eerst de teleurstelling van zijn gemiste wereldrecord nog moeten verwerken. “Ik ben er heel trots op dat ik hier de tweede tijd ooit op de 1000 meter heb gereden. Aan de andere kant is het ook heel jammer dat ik er net naast zit. Ik heb het in de laatste ronde laten liggen. Ik kon de bochten niet strak doorkomen, het was een beetje wringen. Dat moet op de 1500 meter beter.”