Weer & Verkeer

Op EK Wegenwacht is een goed praatje net zo belangrijk als kennis van auto's

Je denkt misschien dat een wegenwacht alleen hoeft te weten hoe hij een kapotte auto zo snel mogelijk repareert. Maar bij het beroep komt veel meer kijken, weten de Franse, Oostenrijkse en Sloveense deelnemers aan het jaarlijkse EK Wegenwacht.

“Het echte probleem is dat diegene met pech naar een begrafenis moet of zijn vlucht op Schiphol moet halen”, vertelt jurylid Martin van Wijk van de ANWB. Hij won het toernooi vorig jaar samen met zijn collega Pim Belder. Daarbij is het natuurlijk wel belangrijk dat de deelnemers precies weten hoe ze een startmotor weer op gang helpen.

Zo’n EK is “schitterend om mee te maken”, vertelt Belder. Hij zette vorig jaar een mooie prestatie neer in Wenen. Dit jaar komen de deelnemers vanuit negentien Europese landen naar Nederland om te strijden om de felbegeerde titel van ‘Beste Wegenwacht van Europa’.

‘Alleen maar toppers’ op EK Wegenwacht

Na hun overwinning van vorig jaar zijn Van Wijk en Belder dit jaar juryleden. “Dat is een stuk minder stressvol”, zegt Belder. “Bij deelname aan het EK komt een hoop druk kijken, helemaal omdat we een jaar eerder ook al hadden gewonnen. Nu staan we aan de andere kant van de streep en kunnen we wat meer genieten.”

Belder en Van Wijk kijken kritisch naar hoe Oostenrijkers, Fransen en Slovenen hun opdrachten oplossen. Ze letten op de technische vaardigheden en de manier van communicatie met de pechvogel.

Ondanks hun deskundige blik, vinden Belder en Van Wijk het moeilijk te zeggen in welk land de wegenwacht pechgevallen het beste oplost. “Misschien dat je wel een verschil merkt als je ergens langs de kant staat, maar op dit toernooi komen alleen maar toppers.”