112

Fleur werd mishandeld tijdens woningoverval: 'Hij bleef op mij inslaan'

Bij een woningoverval in Heemskerk zijn bewoners zondagavond mishandeld en bedreigd met een pistool. Eén van hen, Fleur, doet haar verhaal. “Ik dacht steeds: ik ga jullie geen rust gunnen. Rot op, mijn huis uit.”

In bovenstaande reportage doen buren hun verhaal over de overval.

Fleur woont naast haar moeder. Daar hadden ze gisterenavond samen gegeten, zoals ze zo vaak doen met zijn tweeën. “Ik ben alleen, mijn moeder is alleen en voor jezelf koken is niet echt gezellig. Ik eet dus bij haar. En ik doe hier ook mijn was. Gisterenavond had ik ook een was gedraaid,” verklaart ze tegen Hart van Nederland.

“Rond kwart over tien ging ik naar huis. Ik deed de voordeur open en ineens stonden twee gemaskerde mannen in het zwart voor de deur. Met capuchons op en handschoenen aan. De voorste duwde mij terug naar binnen en op de één of andere manier belandde ik op de grond, op mijn buik.”

‘Rot op, mijn huis uit!’

Toen voelde Fleur iets zwaars op haar rug: de overvaller was op haar gaan zitten. “Ze zeiden maar steeds: ‘Stil zijn’, ‘Rustig blijven’, dan zou er niets gebeuren. Ik dacht: dat gaan we niet doen. Ik ga jullie geen rust gunnen. Ik had een handschoen voor mijn mond, maar als ik kon praten had ik gezegd: ‘Rot op, mijn huis uit!’”

Volgens de politie waren de daders op geld uit, maar volgens Fleur verzette ze zich zo hevig dat de daders daar helemaal niet aan toe kwamen. Haar moeder was inmiddels ook op het gestommel afgekomen. “Ze stond oog in oog met dader twee die een pistool had en hem op haar richtte. Ze zag het niet eens, ze was totaal gefocust op wat er met mij gebeurde.”

De man die op Fleur zat, maande haar tot stilte. “Ik moest mijn kankerbek houden,” zegt ze daarover. Ze luisterde niet, waarna het pas echt misging. “Hij bleef op mij inslaan. Met ducttape probeerden ze mijn mond dicht te plakken. Dat is niet gelukt, ik bewoog te veel.” De dader stompte haar wel veelvuldig in het gezicht en ook op haar hoofd. Fleur: “Ik heb nu grote blauwe plekken en bulten. Mijn hoornvlies is ook gescheurd.”

Overvallers weggejaagd

Fleur meende dat ze iets moest doen, daarom begon ze tegen een tafel in de gang aan te trappen. Daardoor werden de buren gealarmeerd en schrokken de overvallers waarschijnlijk. “Ze zijn weggerend. Ze hebben de buurman die voor de deur stond ook nog even met een pistool bedreigd. Mijn moeder was niet gewond, ze hebben haar niets gedaan gelukkig.”

Terwijl de buren 112 belden, ging Fleur achter de daders aan. “Maar tegen de tijd dat ik het gebouw uit was, waren zij al aan het einde van de straat. Ik was duizelig, dus redde dat niet.”

‘Alles deed pijn’

Het gaat naar omstandigheden nu redelijk met Fleur. “Ik kon pas om zeven uur vanochtend slapen. Ik voelde me vies, ik moest even onder de douche. Toen ik mijn haren waste, voelde ik op mijn hoofd ook allemaal bulten. Hoe ik in bed mijn hoofd ook legde, alles deed pijn en ik kreeg mijn kaken moeilijk van elkaar met tandenpoetsen.”

Na een doktersbezoek stonden de buren weer op haar te wachten. Ze zijn aangedaan en de politie heeft de hele dag nog onderzoek gedaan. “We zitten net aan ons kopje thee”, vertelt Fleur. “Straks gaan we puinruimen. We moeten het weer ‘thuis’ maken. Mijn moeder wil haar eigen huis weer terug. Het raakt je in je privé.”

Op het moment van schrijven is van de daders niet veel meer bekend dan dat het om (jonge-)mannen gaat die in het donker gekleed waren, dat ze capuchons op hadden en hun gezicht bedekt was. De politie komt graag in contact met mensen die iets gezien hebben of informatie over deze zaak hebben.

De achternaam van Fleur is bij de redactie bekend.