Opmerkelijk

UvA mag software tegen spieken gebruiken

De Universiteit van Amsterdam (UvA) mag studenten die vanuit huis hun tentamens maken wel degelijk in de gaten houden met online surveillancesoftware. De rechter heeft de bezwaren afgewezen die twee studentenraden in een kort geding hadden aangevoerd.

De studenten vonden het gebruik van de software een ongeoorloofde inbreuk op de privacy. Ook meenden ze dat de universiteit hen vooraf toestemming had moeten vragen. Dat klopt niet, oordeelt de voorzieningenrechter. In de wet staat dat studentenraden “geen instemmingsrecht hebben als het gaat om regels rond surveilleren”.

Lees ook: Oproep studenten om anti-spieksoftware te vermijden: ‘Impact privacy buiten proportie’

De rechter vindt dat de universiteit het recht heeft maatregelen te nemen om te voorkomen dat studenten stiekem in boeken kijken, op internet surfen of met anderen overleggen. Met de software kan automatisch in de gaten worden gehouden wat een student tijdens de toets met zijn computer doet: webcam, microfoon, internetverkeer en gebruik van muis en toetsenbord worden gemonitord. Het programma meldt “verdachte activiteiten” aan een surveillant, die dan pas kan controleren wat er gebeurt. Anderen kunnen niet bij de gegevens.

Alleen bij ‘duidelijk afwijkend gedrag’

De rechter wijst erop dat de studenten niet live worden gevolgd, maar dat de surveillant pas toegang heeft tot de gegevens als duidelijk afwijkend gedrag wordt vastgesteld. Bovendien worden de gegevens ook nog eens versleuteld opgeslagen en na dertig dagen automatisch vernietigd. Daarmee is de software in lijn met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).

‘Niet exact wat we hadden verwacht’

De Centrale Studentenraad van de UvA, een van de eisers, gaat het vonnis bestuderen. “Dit was niet exact wat we hadden verwacht”, reageert voorzitter Pjotr van der Jagt. “We gaan wel sowieso weer om de tafel met het College van Bestuur om te bespreken hoe we dit nu verder gaan doen. Dat is onafhankelijk van onze vervolgstappen, we blijven in gesprek.”

Geen andere alternatieven

Ook andere instellingen in het hoger onderwijs gebruiken dit soort surveillanceprogramma’s. De Vereniging van Universiteiten VSNU benadrukt dat ze zorgvuldig omgaan met de privacy. “Daar letten ze heel goed op. En ze doen dit alleen als er geen alternatieven zijn”, zegt een woordvoerder. Door de coronamaatregelen zijn die alternatieven er nu vaak niet. “Normaal zit je gewoon in een grote zaal met tentamens, dat gaat nu niet.”

Vanaf 15 juni zijn op kleine schaal weer meer activiteiten ter plaatse toegestaan in het hoger onderwijs. De VSNU verwacht echter dat de ruimte te beperkt zal zijn om weer massaal tentamens op locatie af te nemen.

Bovenstaande reportage werd eerder uitgezonden.

ANP