Steeds minder gemeenten heffen hondenbelasting, levert toch nog tientallen miljoenen op

Steeds meer gemeenten stoppen met het heffen van hondenbelasting. In 2020 verwachten de gemeenten die de belasting heffen, 51 miljoen euro op te halen. Dat is een miljoen euro minder dan een jaar eerder. In 2015 leverde de hondenbelasting nog 65 miljoen euro op.

Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op basis van de gemeentelijke begrotingen.

In 2020 wordt de belasting nog geïnd in 193 van de 355 gemeenten. In 2010 was er nog een hondenbelasting in 308 van de 431 gemeenten, dat is in 71 procent. Dat percentage is gestaag teruggelopen naar 54 procent. Vorig jaar inden 201 gemeenten de belasting nog.

Vaker hondenbelasting in stedelijke gebieden

Grote gemeenten als Rotterdam en Amsterdam hebben de hondenbelasting afgeschaft in respectievelijk 2018 en 2016. De voornaamste reden voor afschaffing was dat het lastig en duur was om de belasting te innen.

Den Haag kent de hondenbelasting nog wel en verwacht in 2020 2 miljoen euro op te halen. In de Haagse stad betaal je per hond 124,08 euro per hond per jaar. Heb je een tweede hond betaal je nog eens 194,40 euro daar bovenop. Bij een derde hond komt het bedrag uit op 546,96. Maar het kan nog hoger. In het Groningse Ten Boer betaal je voor de eerste hond 129,60 euro. Voor een tweede viervoeter komt daar 192 euro bij. Wel wordt er rekening gehouden met gezinnen met een laag inkomen. Bij een inkomen rond de bijstandsnorm, komt men in aanmerking voor een korting van 75 euro.

Het veel kleinere Vlieland haalt met 15.000 euro naar verwachting het laagste bedrag op van de gemeenten die hondenbelasting innen. Daar betaal je maar 78,26 euro per hond per jaar.

Bekijk hieronder hoeveel de opbrengst van de hondenbelasting is per inwoner in jouw gemeente:


  • Belasting voor viervoeters levert in absolute zin het meeste geld op in de gemeenten Den Haag (2,1 miljoen euro), Tilburg (1,6 miljoen) en Nijmegen (1,3 miljoen).
  • Hondenbezitters in Almelo, Breda, Castricum, Heerenveen, Koggenland, Ommen, Uitgeest en Zandvoort hebben dit jaar een meevaller: deze gemeenten zijn gestopt met het heffen van hondenbelasting.
  • Gekeken naar de opbrengst per inwoner levert deze post voor de gemeente Vlieland het meeste op: 12 euro en 81 cent. In totaal levert het de gemeente echter naar verwachting maar 15 duizend euro op.
  • Ook in Brunssum, Landgraaf en Loppersum spekt de viervoeterheffing de gemeentekas met meer dan tien euro per inwoner.
  • In Woerden (Utrecht), Leiderdorp (Zuid-Holland) en West Betuwe (Gelderland) brengt hondenbelasting minder dan 1,50 euro per inwoner op.

Bescheiden inkomstenbron

Hondenbelasting is voor de gemeenten een bescheiden inkomstenbron. Slechts een half procent van alle heffingsopbrengsten komt uit de hondenbelasting.

De opbrengst van de hondenbelasting behoort tot de algemene middelen van de gemeente. De opbrengst hoeft dus niet te worden gebruikt voor hondenvoorzieningen zoals uitlaatvelden, gratis hondenpoepzakjes en prullenbakken, al doen sommige gemeenten dit wel.

Geen hondenbelasting in Drenthe

Gemeenten in de noordelijke provincies heffen naar verhouding minder hondenbelasting dan elders. In Drenthe wordt in geen enkele gemeente (meer) hondenbelasting geïnd. In Groningen en Friesland gebeurt dit in respectievelijk 4 en 3 gemeenten. Zeeuwse gemeenten heffen daarentegen nog wel vaak hondenbelasting. 11 van de 13 gemeenten doen dat daar nog. Sinds 2019 is in Goes en Reimerswaal de hondenbelasting afgeschaft. Ook in Limburg innen relatief veel gemeenten hondenbelasting. In 25 van de 31 gemeenten betalen hondenbezitters geld voor hun viervoeter.

ANP/Redactie