Gezondheid

Burgerhulpverlener Pim kreeg een melding voor reanimeren: 'Ik zag meteen, dit is bij mijn ouders'

Er moeten nog 5.000 AED’s beschikbaar worden gesteld om iedereen in Nederland op tijd te kunnen reanimeren. De 31-jarige Pim van Haren weet als geen ander hoe belangrijk het is om op tijd bij iemand te zijn die een hartstilstand heeft gekregen. Hij kreeg vorig jaar een oproep om zijn vader te reanimeren.

Pim uit het Brabantse Escharen is sinds een paar jaar burgerhulpverlener. Op het moment dat er iemand in zijn omgeving gereanimeerd moet worden, krijgt hij een melding op zijn telefoon via het oproepsysteem HartslagNu van de Hartstichting.

Hij wordt dan opgeroepen om een AED te halen of meteen naar het slachtoffer te gaan om te starten met reanimeren. Vorig jaar augustus kreeg hij ineens een oproep op het adres van zijn ouders. Zijn vader Theo had een hartstilstand. “Mijn vader moest gereanimeerd worden. Ik dacht alleen maar: gaan, gaan, gaan.”

Op de fiets gesprongen

Pim hoefde die bewuste woensdagavond niet lang na te denken. Hij lag in bed toen hij de oproep kreeg. “Ik was voetbal aan het kijken. Toen kreeg ik een melding om te reanimeren. Je ziet alleen een straatnaam en een huisnummer. Ik zag meteen: dit is bij mijn ouders. Op dat moment ging er een knop bij mij om.”

Hij is direct vanuit zijn bed op zijn fiets gesprongen. “Ik wilde zo snel mogelijk die kant op. Ik heb niet eens een shirt en schoenen aangetrokken. Het was op dat moment één waas van adrenaline.”

De zoon woont maar een halve minuut fietsen van zijn ouders, dus hij was er zo. Toen Pim aankwam, hoorde hij buiten zijn moeder schreeuwen. “Ze riep mijn de naam van mijn vader. Toen wist ik dat hij gereanimeerd moest worden.”

Elektrische schokken

Pim belde aan en zijn moeder deed open. Verschrikt keek ze op, omdat ze verwachtte dat de ambulance er al was. “Ze had mij nog niks laten weten, dus ze was heel erg verbaasd. Ik heb haar toen aan de kant gezet, ben meteen naar hem toe gegaan en begon gelijk met reanimeren.”

Een minuut later kwam een vriend van hem binnen die ook een melding had gekregen op zijn telefoon. Snel daarna kwam nog iemand. Hij had een AED bij zich. Bij de derde schok kreeg vader Theo een hartslag. Uiteindelijk waren er zeven mensen binnengekomen die een melding hadden gekregen.

Cruciale minuten

De uren en dagen daarna waren slopend voor Pim. “Hij had een hartslag en hij ademde, maar hij was nog steeds buiten bewustzijn. Hij is meteen naar het ziekenhuis gebracht en daar heeft hij vier dagen in coma gelegen.”

De familie wist niet of Theo het zou redden of niet. Pim was binnen de cruciale zes minuten bij zijn vader om hem te reanimeren, en mede daardoor heeft zijn vader zijn hartstilstand overleefd.

Na zes minuten neemt de overlevingskans van degene met een hartstilstand namelijk aanzienlijk af. Elke minuut later dat een AED wordt ingezet, neemt de overlevingskans met tien procent af.

Stress en nachtmerries

Pim laat weten dat zijn vader zich na de periode in het ziekenhuis gelijk een stuk beter voelde. Een paar maanden daarna kwam echter het besef wat hij nou eigenlijk had meegemaakt.

“Bij mij kwam het besef meteen al na het reanimeren. Ik sliep slecht, had nachtmerries, werd prikkelbaarder en ik kreeg lichamelijke stress-klachten”, vertelt de zoon. Sinds december gaat het wat beter met hem. Daarom is voor hem nu het moment om zijn verhaal te vertellen.

Dat Pim zijn vader heeft moeten reanimeren heeft een grote impact op hem gehad. Ondanks dat had hij het met deze uitkomst “niet anders gewild dan dat hij zijn vader kon reanimeren”.

Aanmelden voor reanimatiecursus

Pim is al jaren burgerhulpverlener. Het is volgens hem belangrijk dat zo veel mogelijk mensen een reanimatiecursus krijgen. “Je weet nooit in welke situatie je terecht komt en wanneer je mogelijk iemands leven kunt redden.”

Op dit moment zijn er 20.000 AED’s bij de Hartstichting geregistreerd. Volgens de stichting zijn er nog 5.000 nodig om iedereen in Nederland binnen de eerste cruciale zes minuten na een hartstilstand te kunnen reanimeren.