Buitenlandse toeristen weten Nederland steeds beter te vinden

Het aantal buitenlandse toeristen dat overnacht in Nederland blijft groeien. Vorig jaar verwelkomde Nederland 20,1 miljoen zogenoemde verblijfsbezoekers, een groei van 7 procent ten opzichte van 2018, meldt het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen (NBTC).

De stijging is volgens verwachting, aldus NBTC-directeur Jos Vranken. Dit komt omdat we wereldwijd steeds meer reizen. Ook gaan Nederlanders zelf vaker de hort op in eigen land. De verwachting is dan ook dat het aantal blijft stijgen.

Duitsers, Belgen en Britten

Van alle bezoekers komt 80 procent uit Europa. Vooral onder Duitsers, Belgen en Britten blijft Nederland populair; 55 procent van alle internationale bezoekers heeft een van die nationaliteiten.

Als we naar absolute cijfers kijken, heeft Amsterdam nog steeds de meeste bezoekers. “Dat is ook niet zo gek als je kijkt naar het aantal hotels, musea, en andere activiteiten”, zegt een woordvoerder van NBTC. Maar volgens de woordvoerder gaan toeristen in toenemende mate ook naar Rotterdam, Utrecht en Den Haag. Daarbij is Eindhoven en Maastricht ook steeds meer in trek.

Korte vakanties

Met name Duitsers en Britten verblijven langer in Nederland dan voorheen. “Nederland is populair voor korte vakanties. Het is opvallend dat steeds meer bezoekers hun verblijf vaker verlengen. Waar het aantal verblijfsbezoekers met 7 procent is gegroeid, namen de overnachtingen met 10 procent toe en daarmee de waarde per bezoeker”, aldus Vranken.

ANP/Redactie