Woningcorporaties domineren nog altijd huursector in de grote steden

Ondanks de flinke toename van het aantal huurwoningen in de vrije sector, blijven woningcorporaties de huursector domineren in de grote steden van Nederland.  Dat blijkt uit onderzoek van de Volkskrant samen met het Kadaster.

Woningcorporaties zijn stichtingen of verenigingen die betaalbare woningen verhuren of verkopen, bedoeld voor mensen met een smalle beurs.

Rotterdam koploper

In de tien grootste steden is gemiddeld 64 procent van de huurwoningen eigendom van een sociale-woningbouwvereniging. Vooral in Rotterdam bezitten corporaties veel huizen: bijna 70 procent van de huurhuizen is daar eigendom van een corporatie. Dat is bijna de helft van het totale aantal woningen in de stad. In Eindhoven en Tilburg is het aandeel van de corporaties in de huursector met 68 procent ook relatief hoog.

Den Haag is een uitzondering. Daar is 45 procent van alle huurhuizen in handen van institutionele beleggers en particuliere vastgoedondernemers.

Woningtekort voor middeninkomens

De grote steden – Amsterdam, Arnhem, Breda, Den Haag, Eindhoven, Groningen, Haarlem, Maastricht, Rotterdam, Tilburg en Utrecht – kampen al jaren met een tekort aan woningen voor huishoudens met een middeninkomen, met een huurprijs vanaf 720 tot ongeveer 1.000 euro per maand. Een van de mogelijke oplossingen is het oprekken van de inkomensgrens voor corporatiewoningen, waardoor die voor meer mensen bereikbaar moeten worden.