Dieren

Wolfwerend hek geplaatst bij schaapskooi Sallandse Heuvelrug

Het is niet de vraag óf de wolf zich vestigt op de Sallandse Heuvelrug, maar eerder wanneer. Daarom plaatst Natuurmonumenten dinsdag preventief een wolfwerend hek bij de schaapskooi in het Nationaal Park.

Natuurmonumenten kan dit hek neerzetten dankzij een anonieme gift. In de provincie Overijssel zijn boeren over het algemeen nog zelf verantwoordelijk voor het faciliteren en financieren van veiligheidsmaatregelen tegen wolven.

“Ondanks dat de wolf wel al gespot is in onze provincie”, zegt boswachter Ruben Vermeer. “De wolf is al gevestigd op de Veluwe en heeft zich ook met succes voortgeplant. De kans is dus vrijwel honderd procent dat dat hier ook gebeurt.”

Lees ook: Jonge wolven zwerven weer door Nederland: voer ze niet!

Preventieve maatregel

Schaapsherder Suzanne Schraver-Lejeuz is blij met het preventieve hek omdat haar schapen nog wel eens prooi van de wolf zouden kunnen worden. Ook stelt ze de hulp en betrokkenheid van de boswachters van Natuurmonumenten op prijs.

Lees ook: Strenger toezicht op Veluwe vanwege wolftoeristen

Schadevergoedingen

Ze is minder blij met de afwachtende houding van de overheid. Zolang het dier zich namelijk niet definitief vestigt in Overijssel, vergoedt de provincie alleen de schade. “De overheid zet in Overijssel alleen nog maar in op schade”, aldus Suzanne. Dat betekent dat je nadat een schaap is doodgebeten een schadevergoeding krijgt.”

Vermeer herkent dit wel. Hij is om die reden voorstander van dit soort preventieve maatregelen. “Op die manier kun je enerzijds je schapen veilig houden, en anderzijds bieden we de wolf een plekje in Nederland.”

Lees ook: Gelderland wil wolf en vee beschermen

Subsidiebeleid

Een woordvoerder van Natuurmonumenten laat weten dat de komst van de wolf naar de provincie een hele nieuwe wereld is “en dat het subsidiebeleid daarop aangepast moet worden”. “Deze gift is natuurlijk hartstikke mooi, maar in de rest van de provincie zouden boeren ook een tegemoetkoming moeten krijgen.”