112

OM eist vier jaar cel voor kinderporno en misbruik

Tegen een vijftigjarige voormalige medewerker van een kinderopvang is voor de rechtbank in Utrecht vier jaar cel geëist, waarvan één jaar voorwaardelijk, voor het bezit van kinderporno en misbruik van een jong meisje. Martijn R. zou vele honderden filmpjes en foto’s hebben gehad, vooral van meisjes van een jaar of zes. Dat is ook de leeftijd dat het meisje had toen het jarenlange misbruik van haar zou zijn begonnen.

R. zou het meisje al meer dan 25 jaar geleden hebben misbruikt, onder meer toen hij als huisvriend met de familie van het meisje op vakantie ging. De inmiddels volwassen vrouw maakte geëmotioneerd gebruik van haar spreekrecht. “Ik word nog misselijk als ik terugdenk aan dat meisje, naast hem, in die kamer.”

‘Pik ik niet’

R. ontkende hevig dat hij het meisje heeft misbruikt, hoewel hij eerder wel verklaarde dat hij “bloot op bloot” met haar heeft geknuffeld en daar opgewonden van raakte. “Dit pik ik gewoon niet, ik laat me niet veroordelen voor iets dat ik niet gedaan heb.”

Lees ook: Medewerkers kinderopvang gearresteerd voor bezit kinderporno

R. werkte als pedagogisch medewerker op een kinderdagverblijf in Soest, maar het is niet gebleken dat hij daar ook in de fout is gegaan. Hij trad ook op als clown voor groepen kinderen. Wat het Openbaar Ministerie betreft mag hij niet meer met kinderen werken.

Intensieve behandeling

De man moet volgens het OM ook een jarenlange intensieve behandeling ondergaan om met zijn pedoseksualiteit te leren omgaan. Volgens deskundigen heeft R. ook een persoonlijkheidsstoornis en is hij verminderd toerekeningsvatbaar.

R. zei te willen meewerken aan de behandeling. “Ik wil weer als gerespecteerd en volwaardig burger functioneren, daarom pak ik alle hulp met beide handen aan.”

Betrouwbaarheid

Zijn advocaat vroeg om vrijspraak voor het misbruik, omdat het bewijs voornamelijk zou zijn gebaseerd op de verklaring van het slachtoffer. Hij twijfelde bovendien aan de betrouwbaarheid van de vrouw en de zuiverheid van haar herinneringen.

De uitspraak is op 16 november.