112

5 jaar cel geëist voor dodelijke straatrace waarbij Fleur (19) om het leven kwam

Wegens roekeloos rijgedrag heeft de officier van justitie in Lelystad vrijdag vijf jaar celstraf geëist tegen Walter van W. (54) voor het doodrijden van de negentienjarige Fleur in Loosdrecht. Tegen diens zoon Casper van W. (33) werd drie jaar gevangenis geëist voor het medeplegen en de deelname aan de straatrace in maart 2016.

Tegen beide verdachten vorderde de aanklager ook een rijontzegging voor de duur van vijf jaar.

Roekeloos rijden

De officier van justitie acht bewezen dat vader en zoon roekeloos hebben gereden. Zij legden ruim 3 kilometer af met snelheden tot zeker 167 kilometer per uur, waar 50 km/u is toegestaan. ”Er zijn absurde snelheden gereden,” aldus de officier.

Vader Van W. reed op de bewuste avond na gezamenlijk restaurantbezoek met zijn Porsche 911 op weg naar huis in Loosdrecht, met hoge snelheid gevolgd door de Mini Cooper van zijn zoon. Diverse getuigen (‘Ze reden als een raket’) verklaarden dat beiden bumperklevend reden met snelheden tot wel 200 km/u. Rond 21.45 uur botste vader Van W. met een snelheid van 111 km/u op de Toyota van de jonge vrouw, die uit een uitrit kwam. Zij overleed twee weken later.

De officier van justitie vindt een straf wegens roekeloos rijgedrag, de hoogste mate van schuld, op zijn plaats. Dit vanwege de hoge snelheden in de bebouwde kom, de duisternis en de gezamenlijke straatrace op smalle wegen met veel onoverzichtelijke uitritten en bochten. Verder hadden zij op twee momenten tot bezinning kunnen komen. Bij een kruising en bij een flitspaal remden zij, maar zetten hun straatrace voort met inhaalpogingen. ”De vraag is: als de één met de race was gestopt, had Fleur dan nog geleefd? We zullen het nooit weten.”

Valse getuigenverklaringen en ongeldig bloedonderzoek

De advocaat van de twee mannen vindt dat het OM niet-ontvankelijk is, onder meer door vermeende valse getuigenverklaringen en ongeldig bloedonderzoek bij de vader, bij wie een alcoholpromillage van 0,92 is gemeten. Ook kloppen de berekende snelheden niet, zegt hij. Hooguit kan worden bewezen dat de verdachten harder hebben gereden dan de maximumsnelheid. Verklaart de rechtbank het OM wel ontvankelijk, dan vraagt hij vrijspraak.

Verkeersvlieger Casper van W. zei in zijn slotwoord: ”Ik sta er elke dag mee op en ga er elke dag mee naar bed.” Hij zei verder dat het huis van zijn vader is belaagd met eieren, dat ze doodsbedreigingen hebben ontvangen en dat zij op sociale media zijn gedemoniseerd. Sommige piloten van zijn werkgever willen niet meer met hem vliegen.

Uitspraak is over twee weken op 17 november.