Procedure piloten IS-missie niet aangepast

De noodprocedures voor Nederlandse gevechtspiloten die vanuit Jordanië vechten tegen Islamitische Staat (IS), zijn verder niet bijgesteld nadat een Jordaanse piloot in Syrië in handen van IS was gevallen. Dat zei de Commandant der Strijdkrachten Tom Middendorp donderdag.

Volgens de generaal zijn de procedures goed. ”Hier is op de training al veel op geoefend.” Ook heeft hij alle vertrouwen in de afspraken die met de Amerikanen zijn gemaakt over de redding van neergeschoten piloten. Nederlandse F-16’s vallen alleen doelen van IS in Irak aan. In totaal hebben zes F16’s 499 missies uitgevoerd en 300 keer hun wapens ingezet.

Verder wijst hij er op dat er op dit gebied veel ervaring is opgedaan in Afghanistan. Daar zijn Nederlandse F-16’s meer dan tien jaar actief geweest. ”Als je in Talibanhanden terechtkomt, kan eenzelfde lot je te wachten staan.” Piloten zijn zeer scherp op de noodprocedures. Een enkele keer zijn de gevechtsvliegtuigen getroffen door klein kaliber geweervuur. Het gebeurde vermoedelijk toen het boordkanon van het gevechtsvliegtuig werd ingezet. Het vliegtuig vloog toen lager. De F-16 kon gewoon doorvliegen nadat het toestel getroffen was.

De neergeschoten Jordaniër Muath al-Kasasbeh is door IS levend verbrand. ”Dat heeft impact op de vliegers, maar sterkt ze ook om hun taak uit te voeren”, aldus Middendorp. Op de vraag of een Nederlandse piloot zelfmoord mag plegen mocht hij in handen van IS dreigen te vallen, antwoordde hij dat de vlieger ”die afweging zelf moet maken”.

ANP