Op 30 augustus 2009 barstte de bom, nadat er kennelijk al langer iets had gebroeid tussen meneer E., een Amsterdammer van 73 jaar, en meneer B., zijn Turkse buurman op een volkstuinencomplex in Amsterdam-West. “Ik maak je af als je zo doorgaat, had meneer B. later in zijn aangifte laten opnemen, als citaat van zijn bedreiger, meneer E.
En: “Ik haal je kop eraf. Ook zou meneer E. hebben gezegd dat meneer B. een ‘kamelenrijder’ was, die nodig terug moest naar zijn ‘kamelenland’. Niets van waar, zo verklaarde meneer E. vrijdag omstandig voor de politierechter in Amsterdam.
“Ik zat met mijn vrouw een kopje koffie te drinken in de tuin. Toen nieste ik twee keer. Vervolgens hoorde ik: Rotten jullie een keer op!” Meneer E. was daarop verhaal gaan halen bij zijn buurman, die inmiddels over het complex was gaan lopen. Meneer E. was achter hem aan gefietst en had ‘wel twintig keer’ tegen zijn buurman gezegd: “Herhaal het met je grote rotkop!” Niets over die kop eraf halen, niets over afmaken, niets over kamelen – hij smeekte de rechter bijna hem te geloven.
Meneer E. was in zijn hele leven nooit eerder in aanraking geweest met justitie. Zijn vrouw had kunnen getuigen dat hij de waarheid sprak, maar zij was tot zijn grote ongenoegen nooit in het politieonderzoekje gehoord. Toen raakte meneer E. geemotioneerd in de beklaagdenbank. Daar had hij gegronde redenen voor: zijn vrouw was op 24 januari dood gevonden in de Sloterplas, na een avondje bioscoop, vlakbij het huis dat meneer E. al jaren met haar bewoonde.
Achtenveertig jaar was hij met haar getrouwd geweest. Hoe mevrouw E. in de Sloterplas is beland, is onopgehelderd gebleven. Zij had die avond een rugzakje bij zich, dat nooit is teruggevonden. De plotselinge, akelige dood van zijn vrouw had meneer E. geknakt. Zowel de officier van justitie als de politierechter betoonden hun medeleven met meneer E.
Maar hij stond terecht voor zijn onheuse bejegening van meneer B. De officier wilde dat meneer E. daar 200 euro boete voor zou betalen. Ook de rechter achtte de bedreigingen bewezen, maar hij wilde het laten bij een stevige waarschuwing: hij legde de geëiste boete voorwaardelijk op. Meneer E. hoorde de eis en het vonnis hoofdschuddend aan. Bij het verlaten van de zaal siste hij: “Ze hebben haar vermoord”.
Bron: ANP



